8. Madeira en de oversteek naar de Canarische eilanden

In mijn vorige blog heb ik in de overtreffende trap gesproken over het eilandje Porto Santo. En terecht, het was er prachtig. Ik was er een beetje bang voor dat Porto Santo niet meer overtroffen kon worden door Madeira of de Canarische eilanden. Ik ben daar echter toch een beetje over gaan twijfelen. Ik heb twee weken in Funchal gelegen en ik heb er elke dag genoten!

Aankomst in Funchal

25 september ben ik van Porto Santo naar Funchal gezeild. Een overtocht van 40 mijl in mijn eentje met wisselend weer maar wel met een rustig bakstag windje. De boot zeilt dan niet heel snel maar wel erg comfortabel zodat je rustig een boekje kunt lezen of lekker om je heen kunt kijken.

Guido van de Morgaine lag al in de oude haven van Funchal en hij had gelukkig een ligplaats voor mij kunnen reserveren. Ik had eerder al begrepen dat het niet zo makkelijk is om een ligplaats te krijgen in de oude haven van Funchal, dus toen Guido dat toch bleek kunnen regelen, heb ik mijn voornemen om eerst naar Quinto do Lorde te gaan maar laten varen. Op weg naar Funchal voer ik wel langs Quinto do Lorde en ik was blij dat ik dat maar had overgeslagen. Het leek mij een sfeerloos, nieuwbouw, vakantiepark met een marina te zijn.

Funchal bleek echt veel leuker te zijn. De oude haven is het middelpunt van het bruisende centrum van Funchal.
Heel iets anders dan de rust van Porto Santo, maar het was toch heerlijk om elke ochtend  even over de boulevard naar een goede bakker te kunnen lopen voor een vers broodje en om een ruime keuze te hebben aan restaurants, leuke barretjes en supermarkten.

De sfeer in de haven was heerlijk. Je kletst regelmatig wat met vertrekkers van alle landen. Maar ook de lokale vissers en schippers van de toeristenboten wilden altijd wel hun verhaaltje kwijt. Zelfs de agenten van de lokale militaire politie leken wel op de Nederlandse politieschool te hebben gestudeerd: gewoon heel vriendelijk en toegankelijk.

Bij aankomst op 25 september bleek ik wel dubbel met de Morgaine aan de kade te liggen. Gestapeld liggen met de Morgaine was wel gezellig maar niet heel erg comfortabel. Dit omdat bij eb de vaste kademuur opeens twee meter hoger lag dan de boot.  Je kon dan alleen met een wankel laddertje vanuit de Morgaine de twee meter naar de kade opklimmen. Gelukkig kon ik de tweede dag verkassen naar een ligplaats aan een drijvende stijger. Deze drijfsteiger stijgt en daalt – samen met de Atropos – met de vloed en eb mee. Je hebt zo geen last meer van lastige klauterpartijen om op de wal te komen.

Een weekend in Frankrijk

Ik ga elk jaar het laatste weekend van september met een groep vrienden op stap naar we het “wijnweekend” zijn gaan noemen. Omdat we dit jaar voor de 25ekeer een dergelijk weekend organiseerden hadden we vorig jaar al besloten omdat het dit jaar extra feestelijk te doen in de Champagnestreek. Voor mij betekende dat vrijdag 27 september vroeg opstaan om van Madeira naar Parijs te vliegen en om daar met een huurauto naar Epernay te gaan. Daar zouden ik mijn vrienden en ook echtgenote Jessica treffen. Vliegen naar Parijs is niet zo moeilijk. Gewoon lang zitten en berusten in de te kleine stoelen met te weinig beenruimte. Echter autorijden in Parijs was wel heftig enerverend. Vanuit de parkeergarage van het vliegveld Orly ging ik gelijk de Boulevard Periferique op. Dat is vrijdag om 17:00 u gewoon een soort van oorlogsgebied. Iedereen in Parijs wil dan kennelijk zo snel mogelijk naar huis. In Nederland had ik al heel wat fileleed meegemaakt, maar in Parijs meenden de mensen dat toch anders in te moeten vullen dan ik gewend was. Op de 3 banen van de Boulevard Periferique  die naar het Noorden gingen, slingerde elke Fransoos zijn auto van links naar recht over alle de drie banen in de hoop daardoor misschien wel 10 seconden tijdwinst te boeken. Elkaar daarbij afsnijden was simpelweg de norm. Los van de auto’s meenden de vele motorrijden dat de 3 banen van de Boulevard Periferique gemakkelijk omgezet konden worden in 5 banen. Dus crosten de motorrijders met grote snelheid en een zekere doodsverlangen tussen alle verkeersbanen door, uiteraard ook weer heftig slingerend om auto’s nog net te ontwijken. De A2 tussen Utrecht en Amsterdam in filetijd lijkt dan opeens een rustige, maar wel wat brede, landweg te zijn.

Het weekend zelf bleek waanzinnig leuk te zijn. het bezoek aan een kleine wijnboer(in) die op 3 ha haar eigen champagne maakte was zeer geslaagd. We proefden midden in de wijnvelden een  heerlijk en betaalbare champagne en we kregen daarbij ook nog een eenvoudige, maar overdadige, lunch. Als tegenwicht voor de kleine wijnboer zijn we dat weekend ook naar een rondleiding bij het beroemde champagnehuis van Moet Chandon gegaan. Dat was een beetje een afknapper. Een te gelikte presentatie door een te opgedofte dame en daarbij twee kleine glaasjes champagne staken bleek af bij de sfeer en gulheid van de proeverij van eerder dat weekend bij de boerin.  Die zondag we gelukkig ook tijd om de kathedraal van Reims te hebben bewonderd. Daarna vlogen Jessica en ik zondagmiddag terug naar Madeira om daar samen verder van het eiland te genieten.

Wandelen

Madeira staat misschien bekend als en beetje oubollig bloemeneiland, maar dat bleek toch een verkeerde inschatting. Jessica en ik houden enorm van bergwandelen en we bleken op Madeira in een van de meest woeste berggebieden te zijn aangekomen die we ooit bezocht hebben.
De eerste wandel dag hebben we de Oostkant van het eiland bezocht.               Je loopt dan over smalle graatjes met links en rechts van ons hele steile kliffen die honderd meter lager in een woeste oceaan eindigden. Dat was overdonderend. Alhoewel we beiden geen hoogtevrees hebben en behoorlijk “trittsicher” kunnen lopen, waren we opeen wel blij met kleine hekwerkjes links en rechts van het pand.

De volgende dagen hebben we vooral  rond en op de Pico Ruivo van 1800m gelopen. Eigenlijk zijn dit bergen zoals je die alleen in je dromen ziet: het zijn bergen met onmetelijk diepe afgronden en oneindig hoge en steile pieken.

De wandelpaden waren kunstig in dit berggebied aangelegd. Soms vlak, maar meestal heel stijl. En als een pad soms niet meer mogelijk was, dan was er simpel een tunnel gegraven van 100-200m, die dwars door een bergketen heen ging.


Uiteraard hebben we ook nog een wandeling gedaan langs de lokale waterpaden, de zgn. lavada’s. Op zich is dat wel leuk en de watervallen die we zagen waren prachtig, maar de paden lopen wel heel vlak waardoor we de “spanning” van het bergwandelen wel wat misten.

Alhoewel we in oktober in Madeira rondliepen, bleek de kwalificatie van het eiland als bloemeneiland ook nog steeds terecht te zijn. Op 500-1000m hoogte stonden de tuinplanten waar ik in een Nederlands tuincentrum veel geld voor betaal nog vrolijk in het wild in bloei


Avontuur

Op Porto Santo hadden we al gehoord dat de bemanning van de Lola hun schroef verloren waren tussen Portugal en Madeira. Zonder een schroef was het lastig aanleggen in een drukke haven waardoor de Lola door een reddingsboot naar binnengesleept moest worden. Alhoewel we de bemanning van de Lola nog nooit ontmoet hadden, hadden we al wel per mail contact gehad en hadden we afgesproken dat Jessica vanuit Nederland een vervangende schroef zou meenemen voor de Lola. Deze schroef kon gelijk nadat we in Madeira aankwamen door een professionele duiker gemonteerd worden. Daarna bleek dat volgens de lokale havenautoriteiten alsnog heel veel “fus” maakten en onmogelijke bureaucratische voorwaarden stelden om de Lola weer vaarklaar te verklaren. Ik weet niet hoe de Lola dit Kafka traject met de havenautoriteiten precies heeft opgelost, maar ik geloof dat ik ’s nachts gewoon zou zijn weggevaren. Vooral omdat de lokale havenpolitie en de mensen van de marina elke avond stipt om 19:30 naar huis ging.

Overtocht  met huricane dreiging

Inmiddels was 4 oktober mijn roeimaat Anne ook aangekomen op Madeira. De eerste dag hebben we hem meteen meegenomen naar de hoogste pieken van Madeira. Dit bleek zoveel adrenaline op te leveren dat hij geen last meer heeft gehad van vermoeidheid of  jetlag.

Na Jessica weer naar het vliegtuig te hebben gebracht en na de boot schoonmaakt en bevoorraad te hebben, waren Anne en ik klaar voor de volgende meerdaagse tocht.

 

 

De oversteek van Madeira naar Graciosa op de Canarische eilanden stond op het programma. Met de bemanning van de Nederlandse zeilboot Eaumega  hebben we samen vaak  naar alle beschikbare weerkaartjes gekeken.
Dit vooral omdat er rond de dagen van de overtocht een hurricane met de naam “Leslie” op de loer lag. Een aantal voorspellingen gaven aan dat die over  Madeira zou trekken. Na overleg met weerman Henk Huizinga besloten Anne en ik voor komst van de hurricane uit te vertrekken richting Graciosa. Op de weerkaarten en gribfiles leek dit een goede en veilige optie. Op deze kaartjes waren geen fronten of grote windversnellingen te zien op de geplande route. Een aantal dagen wachten leek – in verband met de dreiging van Leslie – zelfs een minder goed alternatief. Onze keuze bleek gelukkig een goede beslissing te zijn. We hebben heerlijk gezeild en soms moest bij gebrek aan wind de motor even aan. Zonder veel problemen hebben we de 270 mijl van de overtocht in 2,5 dag gevaren

Helaas bleek bij aankomst op Graciosa dat de lokale jachthaven van eiland vol was.
In mijn volgende blog wordt duidelijk waarom we achteraf blij waren dat dat de jachthaven vol was, waardoor we naar een geweldige ankerbaai moesten uitwijken op Graciosa.